24 maart 2022
± 2 min

Parels uit de muziektherapie: Spijt

Spijt

Voor de 1e keer meld ik mij bij meneer zijn woning.

Met de ogen half toe, zegt hij:

“Nee, je hoeft niet te komen, ik ben moe, ik wil naar bed”.

De volgende week bel ik weer aan en hij zegt hetzelfde.

 

Maar, een collega komt me halen en zegt:

“Meneer zit op je te wachten en vraagt of je nog komt”.

Ik zeg: “O, hij heeft me net weggestuurd, maar prima, ik ga”.

Meneer staat in de deuropening en wacht…

 

Al bij het 2e lied, zingt hij uit volle borst mee.

“Het is zo mooi” zegt hij. “Het zijn liederen van het mannenkoor, waar ik vroeger bij zong.

We zongen toen ook Droomland, dat zit de hele tijd in mijn hoofd”.

En bij het weggaan: ”Als ik de volgende keer weer zeg: ik ben moe, … moet je toch komen hoor!”

 

De maandag erop kom ik binnen, zijn ogen zijn groot en hij kijkt me aan:

“Hoe gaat het?” vraag ik.

“Uitstekend!” zegt hij.

“Ik heb een droom gehad! Een droom van 80 jaar geleden. Het was zo mooi!”


Ik zeg: “He, dat lijkt wel een beetje op het liedje van Droomland”

“Ik weet wel zeker dat het daarmee te maken heeft!” zegt hij.

Ik begin te zingen, dan zegt hij: “En nú Droomland!

… Nóg een keer Droomland! … Dit doet me goed!”

 

Op een dag tref ik hem in de deuropening en hij zegt:

“Ik kan niet zingen, mijn stem is hees.

Heel fijn dat je al die tijd gekomen bent, maar we moeten afscheid nemen,

ik kan niet zingen, en … ik moet ook rust nemen van de dokter”.

 

We nemen afscheid en als hij toch wil dat ik weer kom, kan hij het de zuster zeggen.

Ik zit beneden, maar … wie schuifelt daar door de gang?

“… Of je toch weer komt, … maandag” zegt hij.

Ik zeg, dat ik er zal zijn en hij loopt weer naar zijn woning.

 

De volgende week doet hij de deur open:

“O, … daar ben je weer! … Ik had zó’n spijt … de vorige keer”

Hij heeft het me natuurlijk al eerder gezegd:

“Als ik de volgende keer weer zeg: ik ben moe, … moet je tóch komen hoor!”

 

Alice Gort-Switynk, muziektherapeut

Terug naar overzicht